Onder ogen zien van woede

Eugenie 007Er bestaat niet veel ergers dan gepakt te worden door het Schuddebonkebeest. Het gebeurt iedere vader, iedere moeder. Zoals ik in een eerder artikel schreef is het onder ogen zien van het feit dat er een moment was dat je geweld inzette tegen je kind, van essentieel belang. Op het moment dat je het feit onder ogen ziet, staat dat gelijk aan acceptatie, aanvaarden van het feit. Dit is wat acceptatie is. Dit is ook wat vergeven is.

Het lastige eraan is dat de mind er over na wil denken. En dat ‘er over denken’ belemmert het inkomen van bewustzijn. Alleen bewustzijn brengt wezenlijke bevrijding en van daaruit wezenlijke verandering. Mijn eerste ervaring van het onder ogen zien vond jaren geleden plaats.

Vanaf het moment dat ik zwanger was van mijn eerste kind was de nachtrust ter ziele. Ik had een hyperhoge energie in mijn lichaam die er voor zorgde dat ik niet kon slapen. na 7 maanden stortte ik in maar kon nog steeds niet slapen. Na de geboorte bleef dit. Na anderhalf jaar mezelf door het leven slepen van de uitputting bleken de schedelnaden van mijn kind verkleefd te zijn. De osteopaat verhielp dit en eindelijk, eindelijk kon ik slapen. Maar niet voor lang. Mijn eerste kind was in de leeftijd gekomen dat hij de borst opeiste. Vooral in de nacht. Ik werd wanhopig. Hij aanvaarde geen ‘nee’ maar bleef naar me graaien.

Op een ochtend toen hij had gedronken wilde hij niet loslaten. Ik probeerde kalm te blijven hetgeen me veel moeite kostte. ‘Laat me los”. Hij bleef hangen, ik voelde een laaiende woede opkomen. ‘Laat LOS’. Hij gaf geen sjoege. Na een tijd knapte er iets in me. Ik duwde hem van me af. Zijn reactie daarop was dat hij zijn kaken op elkaar sloeg en me genadeloos beet. Het werd bijna zwart voor mijn ogen van de pijn. Ik schreeuwde en duwde hem van me af, mezelf daarmee nog meer pijn bezorgend. Ik was los en stoof het bed uit. Alles in mij wilde slaan, slaan, slaan en het was een laatste flinter bewustzijn dat mij en mijn zoon beschermde tegen dit geweld. Ik stond op de gang, razend. Ik moest mijn woede ergens op koelen. Op de grond zag ik een Dikkie Dik boek, zo dik als een telefoonboek. Tierend scheurde ik het ding in duizenden flarden, huilend, nog onverminderd woest. Ik kon hem wel killen. Jan was thuis maar waar hij was, had ik geen idee van. Ik stoof na de versnippering de badkamer in en ging trillend onder de douche te zitten. Ik probeerde uit alle macht mezelf onder controle te krijgen maar iedere keer vlamde de woede weer op. The limit! Zo gebeten worden.

De badkamerdeur ging open en ik zag Jan staan met mijn zoon op zijn arm. De nijd spoot weer door me heen. Ik griste een fles shampoo van de rand van het bad en smeet het naar de deur. Het duurde een eeuwigheid tot ik gekalmeerd was. Ik stapte uit bad en kleedde me aan. Het was stil in huis. Ik ging de huiskamer in en daar zaten ze met zijn tweetjes op de bank. Ze keken me allebei open aan om te zien hoe hoog het voltage was. Ik was rustig. Ze gingen opzij en ik ging tussen hen in zitten. Het was nog steeds stil. Er kwam een vrede over me. Wat ik gedaan had was verkeerd. Dat stond buiten kijf. En dat dit moest stoppen stond ook vast. Ik heb nooit geweld willen inzetten. Het was het laatste dat ik wilde. Toch was het gebeurd.

Ik was echter niet schuldig. Ik voelde geen schuld. Voor het eerst. Ik kon mijn kind recht in de ogen kijken. Hij zat tegen me aan en blikte open terug. Er was liefde. Ik was echter wel verantwoordelijk. ‘Het spijt me. Ik heb me vreselijk gedragen’, zei ik. En hij had niet mogen bijten. Hij moet mijn ‘nee’ respecteren en loslaten. Het was vredig in huis, in ons.

Ik heb me tot dan altijd verwonderd hoe het werkt met bewustzijn. Waarom kwam het nu in? Waarom nu pas, knorde mijn mind. Waarom niet eerder? Waarom niet op al die momenten dat ik woedend was geweest of wanhopig? Ik wist toen het antwoord niet. Nu wel. In die tijd wist ik niet dat in dit lichaam twee dimensies aanwezig zijn. Ik en de mind. ‘Me’ en ‘myself’ zoals Barry Long het noemt.

De ravage in mijn en jouw leven wordt veroorzaakt door de mind. Bewustzijn kan niet geleefd worden als de mind aan het roer staat. En in die tijd leefde ik in diepe donkerte, heen en weer geslingerd tussen geluk en ongeluk, volledig aangestuurd door het minst intelligente deel van mijn bestaan. Ik weet nog steeds niet wat maakt dat bewustzijn ineens gaat schijnen op zulke momenten. Maar het deed het en dat doet het of zal het gaan doen, ook in jouw leven. Als ik nu terugkijk dan zie ik dat ik zo overgenomen was dat er geen andere route was dan het te leven. Het ongeluk te leven. Net zolang tot ik het kennelijk genoeg ervaren had.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s