De Stem

-1Zoals een kind zich ontwikkelt door de verschillende bewustzijnsstadia (Jan beschrijft die heel goed in ons boek) zo ontwikkelt de negativiteit zich mee. En het is of de duvel ermee speelt maar het is alsof ieder Schuddebonkebeest exact weet welke knoppen pa en moe hebben en wanneer en hoe en hoe vaak je die moet indrukken voor het gewenste resultaat: negativiteit!

We hadden al kennis gemaakt met het onvoorstelbare gekrijs dat zomaar uit de keel van Fianne kon komen. Echt, het ene moment is het rustig, het andere moment gaan de pijpen open en komt het behang van de muur van het aantal decibels dat er uit zo’n lijfie kan komen. Hoog, snerpend, doordringend gekrijs vanonder uit de tenen. De eerste keer dat dit gebeurde lag het gezin in katzwijm tegen de vlakte. Ze gaat in haar eentje binnen tien seconden accelererend van niks tot door de geluidsbarrière.

Dat is gestopt. De goden zij dank. Maar daarvoor in de plaats is De Stem gekomen. De Stem laat zich als volgt omschrijven: knerpend, jengelend, snerpend, zagend, op de zenuwen werkend. Eigenlijk zoiets als het gekrijs maar dan zonder het gekrijs.Het is afschuwelijk.

Ik vroeg net aan Fianne of ze De Stem even wilde doen maar lachend zei ze dat het niet lukte omdat ze niet ongelukkig was. Het is De Stem van de mind. De jongens komen gealarmeerd naar me toe en melden tandenknarsend dat ze maar 1 ding willen: haar de mond snoeren. En godbetert, dat wil ik ook! Het gaat door merg en been.

Ok. Pas op de plaats. Er is een nieuwe ontwikkeling gaande dus moeten we als gezin een nieuwe koers varen om weer met deze tric of the mind om te gaan.

Ik heb een gesprekje met Fianne erover als ze rustig is. ‘Hoe voelt het in je lijf als dit geluid er is?’ Het voelt naar. Als ze De Stem heeft is ze ongelukkig.
Ik vertel haar dat we de negativiteit aan gaan pakken. Wanneer ze De Stem heeft, grijpen we meteen in. Als zij De Stem heeft, moet ze naar me toe komen en dan help ik haar schoon te worden van de negatieve energie en daarna kijken we naar hetgeen ze wilde en hoe ze dat kan organiseren. Als het haar niet lukt naar me toe te komen ga ik naar haar toe en help haar. Als ik haar niet meteen kan helpen moet ze gaan zitten en wachten tot ik dat wel kan. Als het te erg is moet ze naar boven en daar op me wachten. Dat vindt ze goed.

Ik neem nogmaals met haar door wat we afgesproken hebben. ‘Wat moet je doen als je De Stem hebt?’ ‘Naar mama toe gaan voor hulp.’ ‘Juist.’
‘Wat moet je doen als ik je niet meteen kan helpen?’ ‘Gaan zitten en wachten.’
‘Wat moet je doen als je heel erg negatief bent en ik kan je niet meteen helpen?’
Naar boven gaan en op bed wachten tot mama komt.

En zo geschiedt het. Ik help haar meteen. Ik stuur haar soms naar boven. De Stem verliest terrein. ‘De Stem!!’ roepen de andere kinderen in koor. En door hen geholpen, rent Fianne dan naar me toe en ik help haar. Of ze moet wachten en daarna help ik haar.

Het geeft Fianne, hoe klein ze ook is, macht over dat wat er in haar lichaam gebeurt. En altijd is het recept: eerst de zuigende, destructieve, negatieve energie in haar lichaam een halt toe roepen. Zorgen dat Fianne weer de regie heeft over haar lichaam.

En dan het onderwerp bespreken wat altijd een element bevatte van wat zij wilde en niet kreeg.

Op deze manier waar we per stadium weer met ander gedrag worden geconfronteerd, moeten we iedere keer weer opnieuw kijken. Kijken vanuit liefde. Niet er over denken! En zo leren we onze kinderen, langzaam, de verantwoordelijkheid te nemen over hun innerlijke wereld. En daarmee over hun uiterlijke wereld.

Zo binnen. Zo buiten.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s